Home / Detrans / Nederlandse detransitioners
Nederlandse detransitioners: de stemmen die niet gehoord worden
In de Britse, Amerikaanse en Belgische media zijn detrans-stemmen mainstream geworden. In Nederland blijft het stil. Amsterdam UMC publiceerde wel cijfers maar weigert tot vandaag een aparte detrans-poli, structurele registratie of follow-up. Wie hier detransitioneert, doet dat in stilte — of vertrekt naar buitenlandse zorg.
Wat weten we?
Het Amsterdam UMC publiceerde in 2024 een retrospectieve studie (Boogers et al.) waarin slechts 1,9% van de behandelde minderjarigen "stopte" — maar de definitie was eng (alleen formele uitschrijving) en follow-up beperkt tot wie nog in zorg was. Internationaal onderzoek (Cass Review, Hall et al., Vandenbussche) wijst op detransitiepercentages tot 10–30% bij volwassen-onset cohorts. Het Nederlandse cijfer wordt door buitenlandse onderzoekers structureel als ondergrens gezien.
Wie spreekt zich uit?
- Een aantal anonieme detransitioners via journalistieke media (HUMAN, EW, NRC).
- De ouderbeweging Voorzichtige Genderzorg.
- De Stichting Echte Vrouwen-rechten en LGB Alliance Nederland.
- Detrans-individuen die naar Genspect of internationale fora uitwijken.
Waarom is er geen registratie?
De DBC-codering kent geen aparte categorie voor detrans-zorg. Een patiënt die afbouwt staat in het systeem nog onder dezelfde diagnose. Het Centrum Expertise Genderdysforie (CEGD) onderzoekt eigen patiënten — geen extern toezicht. IGJ houdt geen aparte cijfers bij. Wie wil weten hoeveel mensen er stoppen, vindt geen overheidsbron. Zie ook onderzoek Vandenbussche.